Ger Driessen verruilde in 1999 na een 17 jarig wethouderschap zijn Horster werkterrein naar Maastricht, waar hij lid van Gedeputeerde Staten werd. Een interview met deze gedreven Horster bestuurder.
Waarom verruilde je Horst voor Maastricht?
Omdat ik een hekel aan Maastricht had, die net ons bestemmingsplan buitengebied (gedeeltelijk) had afgekeurd en omdat plannen die we in Horst hadden vaak met een "dat kan niet" antwoord werden afgedaan.
Heb je het gevoel dat je wat hebt kunnen veranderen in Maastricht?
Ja zeker, vele bevoegdheden op het punt van ruimtelijke ordening zijn naar de gemeenten overgeheveld. De provincie is veranderd van een toetsende instantie, naar een club die wil meedenken met gemeenten en bedrijfsleven. Onze houding is veranderd van "nee dat kan niet", naar "ja, dat kan wel". Natuurlijk kan dat niet altijd, maar wel heel vaak. Twee "Verklaringen van Roermond" zijn hier voorbeelden van, waarbij meer ruimte is geboden voor de landbouw, overigens in goede afstemming met de natuurbelangen.
Kun je voorbeelden noemen voor de gemeente Horst aan de Maas?
Zaken die in ontwikkeling zijn gekomen, zijn onder meer het bedrijventerrein Melderslose Weijden aan de oostkant van de A73, Park de Peelbergen, maar ook het 1000 woningen plan voor starters en de ruimte voor ruimte regeling, waar er ca. 100 van in onze gemeente zijn geland.
Wat zijn regionale punten, waaraan je je bijdrage hebt geleverd?
Nou ik noem slechts als voorbeelden de ontwikkeling Klavertje Vier, een werkterrein voor glastuinbouw en agribusiness en logistiek. Daarnaast de Floriade, met zijn in aanbouw zijnde Innovatoren. Ook heb ik een bijdrage geleverd aan een kennisinstelling als Knowhouse en aan de totstandkoming van de A73 en de nu gestarte aanleg van de A74. En als laatste voorbeeld de maasbeveiliging, door de aanleg van dijken en kades en de nu in voorbereiding zijnde plannen voor Ooijen-Wanssum.
Waarom, wil je nog vier jaar verder na een periode van twaalf jaar député schap?
Omdat ik juist in moeilijke tijden niet wil gaan lopen, maar er juist wil zijn om in gang gezette ontwikkelingen verder in uitvoering te brengen. Ik denk dan aan de versterking van de (Noord-) Limburgse economie, landbouw, natuur en landschap, maar ook de leefbaarheid. Verenigingen met al zijn vrijwilligers vragen blijvende aandacht. Opkomen voor de belangen van ouderen (o.m. KBO) en jongeren en juist daarin een goede harmonie vinden, is daarbij een echte uitdaging.
Vandaar de lijfspreuk:
Stem Ger Driessen, lijst 1 CDA, nr. 15 MET DAADKRACHTIG VERDER